Parket bij de Hoge Raad, 13-03-2012 / 11/00435


ECLIECLI:NL:PHR:2012:BU8741
Meer over deze zaak:
Datum13-03-2012
InhoudsindicatieToezeggingen getuige. Art. 226g.1 en 4 Sv. De toezeggingen a.b.i. art. 226g.1 Sv zien slechts op het geval dat bij de vervolging van de getuige in zijn strafzaak strafvermindering a.b.i. art. 44a Sr zal worden gevorderd alsmede op andere kwesties die rechtstreeks verband houden met de beslissingen a.b.i. de art. 348 en 350 Sv. De in art. 226g.4 Sv bedoelde toezeggingen zien op afspraken die anderszins op enigerlei wijze een gunstige invloed kunnen hebben op de bereidheid van een getuige tot het afleggen van een verklaring. s Hofs oordeel dat aan de getuige X geen toezeggingen a.b.i. art. 226g.1 Sv zijn gedaan in ruil voor een door hem af te leggen of afgelegde verklaring is juist, omdat de mededelingen van de opsporingsambtenaren geen betrekking hebben op een toezegging tot strafvermindering of op andere kwesties die rechtstreeks raken aan de beslissingen van de art. 348 en 350 Sv in de strafzaak van de getuige X. In s Hofs oordeel dat de onderhavige mededelingen niet kunnen worden aangemerkt als afspraken in de zin van art. 226g.4 Sv ligt besloten dat die mededelingen als zodanig kunnen worden toegerekend aan het OM. Aldus verstaan getuigt dat oordeel niet van een onjuiste rechtsopvatting en is het ook niet onbegrijpelijk, in aanmerking genomen hetgeen de verslaglegging inhoudt omtrent de aard en inhoud van de mededelingen.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2012:BU8741 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHSGR:2010:BO9119
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2012:BU8741 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:CA4041 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:BZ3412 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHSGR:2010:BO9119
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:1296
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:1295
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:1294
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:1292
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:1290
Gerelateerd ECLI:NL:RBAMS:2013:1289