Parket bij de Hoge Raad, 02-09-2014 / 13/01941


ECLIECLI:NL:PHR:2014:1880
Datum02-09-2014
InhoudsindicatieRoekeloosheid, art. 6 jo. art. 175 WVW 1994. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:960. In het licht daarvan schiet de bewijsvoering van het Hof tekort. De door het Hof blijkens de nadere bewijsoverweging i.h.b. in aanmerking genomen omstandigheden zouden toereikend kunnen zijn voor het oordeel dat verdachte zoals eveneens is tenlastegelegd zeer, althans aanmerkelijk, onvoorzichtig en/of onoplettend heeft gereden onder een van de in art. 175.3 WVW 1994 tot strafverhoging leidende omstandigheden, maar zij zijn niet zonder meer toereikend voor s Hofs oordeel dat de verdachte roekeloos in de zin van art. 6 jo. art. 175.2 WVW heeft gereden.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:960 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2012:BU2016 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:959 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:1554 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:964 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2014:3045 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2014:773 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2014:3045 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2014:2287