Parket bij de Hoge Raad, 04-04-2017 / 15/04322


ECLIECLI:NL:PHR:2017:376
Datum04-04-2017
InhoudsindicatieSalduz. Vormverzuim ex art. 359a Sv. Onvoorwaardelijke afstand van recht op consultatiebijstand, terwijl verdachte ten onrechte is meegedeeld dat raadplegen raadsman niet kosteloos zou zijn? De Hoge Raad herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2009:BH3079 en ECLI:NL:HR:2015:3608 m.b.t. het recht op consultatiebijstand en de gevolgen van schending van dit recht. Het middel neemt terecht tot uitgangspunt dat sprake is van een vormverzuim nu de aangehouden verdachte ten onrechte en in strijd met het i.c. toepasselijke art. 3.1 ahf.b. van Richtlijn 2012/13/EU betreffende het recht op informatie in strafprocedures is meegedeeld dat het raadplegen van een raadsman voor hem niet kosteloos zou zijn. Dit verzuim behoeft niet tot cassatie leiden. De HR zet onder verwijzing naar ECLI:NL:HR:2013:BY5321 de aan het vormverzuim eventueel te verbinden rechtsgevolgen uiteen waarbij rekening dient te worden gehouden met de in art. 359a.2 Sv genoemde factoren. Tot die factoren behoort ook het nadeel dat door het verzuim is veroorzaakt. Nu het gevoerde verweer niet inhoudt dat verdachte, indien hij op juiste wijze omtrent de kosten van het raadplegen van een raadsman was voorgelicht, geen afstand van dit recht zou hebben gedaan en ook overigens door de verdediging over het door het verzuim veroorzaakte nadeel niets is aangevoerd, geeft s Hofs oordeel dat "geen sprake is geweest van een vormverzuim dat als gevolg bewijsuitsluiting zou moeten hebben", niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is het niet onbegrijpelijk. CAG: anders.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2009:BH3079 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:BY5321 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2015:3608 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:968 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2010:BN8387 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2009:BH3079 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2013:BY7886 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2017:968 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2019:242