Parket bij de Hoge Raad, 09-04-2019 / 17/04923


ECLIECLI:NL:PHR:2019:757
Datum09-04-2019
InhoudsindicatieAanwezigheidsrecht, art. 6 EVRM. HR herhaalt vooropstellingen uit overzichtsarrest over aanhoudingsverzoeken wegens verhindering van verdachte of zijn raadsman bij de behandeling van de zaak ttz. aanwezig te zijn (ECLI:NL:HR:2018:1934). Het Hof heeft het verzoek tot aanhouding van de behandeling van het onderzoek ttz. in h.b. afgewezen omdat het belang van een voortvarende rechtspleging prevaleert boven het belang van verdachte bij aanhouding van de behandeling van de zaak. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk. Dat oordeel is ook toereikend gemotiveerd, in aanmerking genomen dat raadsman in de kern slechts heeft aangevoerd dat hij namens verdachte h.b. heeft ingesteld, dat hij geen contact meer heeft met verdachte en dat verdachte niet heeft gereageerd op een uitnodiging voor een gesprek.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2008:BD2578 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:1999:ZD1314 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2018:1934 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2001:AD4727 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2007:AZ8360 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2006:AZ2176 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2015:3026 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2009:BI7089 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2018:779 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2019:1144
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2019:1144