Rechtbank Gelderland, 14-01-2019 / AWB - 15 _ 7787


ECLIECLI:NL:RBGEL:2019:102
Datum14-01-2019
InhoudsindicatieIB/PVV. VAR-wuo. Eiseres is kraamverzorgster. Zij heeft voor 2014 een VAR-wuo ontvangen, die ook voor 2015 geldt. In 2015 trekt de inspecteur de VAR bij herzieningsbeschikking met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2014 in. Partijen hebben afgesproken voor de kwalificatie van de werkzaamheden aan te sluiten bij de uitkomst van een vergelijkbare zaak. In die zaak heeft het gerechtshof de belanghebbende in het gelijk gesteld. De herzieningsbeschikking is vernietigd, maar alleen vanwege de terugwerkende kracht en niet omdat ten onrechte zou zijn geoordeeld dat sprake was van loon. De rechtbank is van oordeel dat in dit geval sprake is van een fictieve dienstbetrekking. De rechtbank gaat er veronderstellenderwijs van uit dat (alleen) het verbinden van terugwerkende kracht aan de herziening het besluit onrechtmatig maakt. Daarmee ontbreekt causaal verband tussen de onrechtmatigheid en de gestelde schade. Tot het moment van de intrekking kon eiseres immers werken op basis van de VAR. Voor de periode daarna is van belang dat materieel de juiste beslissing is genomen. Een nadelig gevolg kan gelegen zijn in de hoogte van de verschuldigde IB/PVV maar eiseres dient eventuele argumenten daartegen in een procedure tegen de desbetreffende aanslagen aan te voeren.
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2018:343 ★★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2017:1435 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:RBGEL:2016:2386 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:PHR:2016:501 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2004:AP1670 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:GHARL:2017:8429