Rechtbank Midden-Nederland, 08-04-2016 / UTR 15/5197


ECLIECLI:NL:RBMNE:2016:1979
Datum08-04-2016
InhoudsindicatiePw; recht op bijstand per 9 juli 2008 ingetrokken en terugvordering van 93.680,54. Verder nog een boete opgelegd van 23.940,-. Project Vermogen in het buitenland. Eiseres heeft haar inlichtingenplicht geschonden door geen melding te maken van het op haar naam geregistreerde onroerend goed in Turkije en daaruit ontvangen huur. Recht op bijstand niet vast te stellen. Verweerder heeft terecht ingetrokken en teruggevorderd. Beroep gegrond voor zover dat ziet op de boete. Verweerder is er niet in geslaagd aan te tonen dat eiseres opzettelijk, dat wil zeggen willens en wetens, de inlichtingenverplichting heeft geschonden waardoor zij ten onrechte of tot een te hoog bedrag bijstand heeft ontvangen. De rechtbank is van oordeel dat bij eiseres sprake is geweest van een dermate grote, aan opzet grenzende, mate van nalatigheid dat haar grove schuld kan worden verweten. In dit verband verwijst de rechtbank naar de uitspraak van de CRvB van 11 januari 2016 (ECLI:NL:CRVB:2016:8). Met toepassing van artikel 8:72a van de Algemene wet bestuursrecht zal het bedrag van de boete worden vastgesteld op 17.960,- aangezien een boete tot dat bedrag hier evenredig, passend en geboden is.
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2015:1801 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2015:1231 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2015:1229 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2016:8 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2015:1228 ★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2014:2482 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2014:2144 ★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2014:1589
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2014:3563
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2014:1106