Rechtbank Noord-Nederland, 23-12-2014 / AWB -13_3314


ECLIECLI:NL:RBNNE:2014:6744
Datum23-12-2014
InhoudsindicatieIn een civiele procedure vordert eiseres een bedrag van 1.485.000 van haar ex-echtgenoot, omdat zij stelt te zijn benadeeld door de verkoop tegen een te lage prijs van de tot de huwelijksgemeenschaps behorende aandelen door haar ex-echtgenote in 2008. Uiteindelijk heeft het hof Leeuwarden in 2012 in de civiele procedure de door eiseres ingestelde vordering afgewezen. Op 31 december 2011 heeft verweerder een aanslag IB/PVV 2008 opgelegd, waarbij verweerder de hiervoor genoemde vordering heeft opgenomen in het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang. De rechtbank oordeelt dat verweerder de vordering ten onrechte tot de grondslag van box 3 heeft gerekend. Met de kennis achteraf dat de vordering is afgewezen, en de omstandigheid dat de vordering steeds werd betwist door de ex-echtgenoot, moet op het waarderingstijdstip rekening worden gehouden.
TijdschriftartikelRechtbank Noord-Nederland 23-12-2014 (met noot)
J.P. de Boer
NTFR 2015/763
Bij waardering van box 3 vordering is ook de kennis achteraf van belang.
TijdschriftartikelRechtbank Noord-Nederland 23-12-2014 (met noot)
Redactie
V-N 2015/19.14
Door ex-echtgenoot betwiste vordering ten onrechte in box 3 bij X opgenomen
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2007:BA2802 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2011:BP2975 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:1997:AA2069 ★★