Centrale Raad van Beroep, 30-06-2015 / 14-2189 AOW


ECLIECLI:NL:CRVB:2015:2119
Datum30-06-2015
InhoudsindicatieHerziening AOW-pensioen. De Svb heeft een onjuiste toetsingsmaatstaf aangelegd bij de beoordeling van het gezamenlijk hoofdverblijf. Op grond van de verklaring van appellante bestaat geen reden om aan te nemen dat appellante geen hoofdverblijf had in haar eigen woning. Het onderzoek van de Svb bevat onvoldoende feitelijke grondslag voor het standpunt dat M ten tijde hier van belang zijn hoofdverblijf had in de woning van appellante. De conclusie is dat de Svb niet aannemelijk heeft gemaakt dat appellante en M ten tijde hier van belang gezamenlijk hoofdverblijf hadden in de woning van appellante of in de woning van M. De vraag of aan het criterium van wederzijdse zorg was voldaan behoeft daarom geen bespreking.
TijdschriftartikelCentrale Raad van Beroep 30-06-2015
RSV 2015/168
Gezamenlijke huishouding — toepassing criterium hoofdverblijf uit arrest van de Hoge Raad van 13 maart 2015
TijdschriftartikelCentrale Raad van Beroep 30-06-2015 (met noot)
M. van Everdingen
USZ 2015/283
Gezamenlijke huishouding, Toetsingsmaatstaf, Hoofdverblijf, Aanhouden van twee woningen, Arrest HR 13 maart 2015, ECLI:NL:HR:2015:556, USZ 2015/113.
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2012:BV1958 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:HR:2015:556 ★★★★★
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2017:3122
Gerelateerd ECLI:NL:CRVB:2015:4623