Centrale Raad van Beroep, 24-06-2015 / 14-3008 AOW


ECLI:NL:CRVB:2015:2025

Inhoudsindicatie
Bezwaar is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens niet verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2015-06-24
Publicatiedatum
2015-07-01
Zaaknummer
14-3008 AOW
Procedure
Hoger beroep
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak

14/3008 AOW

Datum uitspraak: 24 juni 2015

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Gelderland van

20 mei 2014, 13/8088 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellant] te [woonplaats] (appellant)

de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)

PROCESVERLOOP

Appellant heeft hoger beroep ingesteld.

De Svb heeft een reactie ingezonden.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 13 mei 2015. Appellant is niet verschenen. De Svb heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. A.F.L.B. Metz.

OVERWEGINGEN


1. Appellant heeft op 21 september 2012 een aanvraag tot inkoop vrijwillige verzekering Algemene Ouderdomswet (AOW) ingediend bij de Svb. Met een besluit van 2 oktober 2012 heeft de Svb appellant laten weten dat deze aanvraag is afgewezen omdat de aanvraag niet is gedaan binnen tien jaar nadat appellant verplicht verzekerd voor de AOW is geraakt. Op

21 oktober 2013 heeft appellant bezwaar gemaakt tegen dit besluit. In de beslissing op bezwaar van 6 november 2013 (bestreden besluit) is het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.


2. De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.


3. Er bestaat geen aanleiding de aangevallen uitspraak voor onjuist te houden. Appellant heeft ook in hoger beroep geen redenen aangevoerd die als verontschuldiging voor het te laat indienen van het bezwaar kunnen gelden. De Svb heeft het bezwaar terecht niet ontvankelijk verklaard en de rechtbank heeft op juiste gronden het beroep ongegrond verklaard. De aangevallen uitspraak zal dan ook bevestigd worden.


4. Voor toepassing van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht bestaat geen aanleiding.



BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.



Deze uitspraak is gedaan door M.M. van der Kade, in tegenwoordigheid van H.J. Dekker als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 24 juni 2015.



(getekend) M.M. van der Kade




(getekend) H.J. Dekker



HD