Centrale Raad van Beroep, 05-11-2018 / 16/8064 PW-PV


ECLI:NL:CRVB:2018:3710

Inhoudsindicatie
Afgewezen verzoek om proceskosten. Geen sprake van tegemoetkomen aan.
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2018-11-05
Publicatiedatum
2018-11-27
Zaaknummer
16/8064 PW-PV
Procedure
Hoger beroep
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht



Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Uitspraak

16/8064 PW-PV, 17/6115 PW-PV, 17/6116 PW-PV, 17/6117 PW-PV, 17/6118 PW-PV, 17/6119 PW-PV

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer










Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met de hoger beroepen tegen de uitspraken van de rechtbank Limburg van 19 december 2016, 15/3708, en 8 augustus 2017, 16/2084, 16/2085, 16/2086, 16/2087, 16/2088 (aangevallen uitspraken)






Partijen:


[Appellant] (appellant)


het college van burgemeester en wethouders van Stein (college)



Datum uitspraak: 5 november 2018


Voorzitter: A. Stehouwer

Griffier: S.A. de Graaff


Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 5 november 2018. Namens appellant is verschenen mr. A.C.S. Grégoire. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door W.M.J. Pepels.



BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep wijst het verzoek om veroordeling van het college in de proceskosten van appellant af.


Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.


Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 8:108, eerste lid, van de Awb is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.


Namens appellant is het hoger beroep ter zitting ingetrokken met het verzoek het college te veroordelen in de kosten.


Tijdens de behandeling ter zitting heeft het college toegezegd uitvoering te geven aan de onlangs in een ander geding tussen partijen gedane uitspraak van de rechtbank Limburg van 29 oktober 2018 (met zaaknummers 18/44, 18/48 en 18/1097), waarin de opdracht is neergelegd een nieuw besluit op bezwaar te nemen. In de onderhavige zaken is echter geen sprake van een situatie waarin het college geheel of gedeeltelijk aan appellant tegemoet is gekomen. Om die reden wordt het verzoek om een kostenveroordeling afgewezen. Er bestaat eveneens geen aanleiding het griffierecht te vergoeden.


Waarvan proces-verbaal.


De griffier De voorzitter



(getekend) S.A. de Graaff (getekend) A. Stehouwer





md